‘Inzet van arbeidsmigranten is een structureel onderdeel van het bedrijfsmodel van Albert Heijn’



BIJ DE FOTO”S 14 Januari 1965 Zaandam cq Schiphol Ongeveer 50 Turkse arbeiders, zouden, na een korte staking in Zaandam, het land uitgezet worden. Het kam tot moeilijkheden toen de mannen hoorden dat ze pas in het vliegtuig hun salaris zouden ontvangen. Later keerden ze weer terug toen bleek dat Ankara geen landingsvergunning gaf. Door een “erehaag” van agenten liepen de Turken van de bus naar de vliegtuigtrap, opdat er geen zou ontsnappen Fotograaf Koch, Eric / Anefo
Rosa Kösters | historicus | Albert Heijn is een voorloper wat flexibele arbeid betreft. Al sinds het eerste distributiecentrum openging leunt het voor fysiek zwaar werk op arbeidsmigranten. De flexibilisering van de arbeidsmarkt begon eerder dan vaak wordt gedacht.
Zestig Turkse sollicitanten doen in 1969 een test. Met behulp van een orderbriefje en een mandje doorlopen ze een proefronde als orderpicker in een distributiecentrum. Een wervingsteam van Albert Heijn is naar Turkije gekomen met een maquette van het allereerste AH-distributiecentrum. Ze hebben het verzamelsysteem van het distributiecentrum op kleine schaal nagebouwd.
„In plaats van de kaas en de cornflakes lagen er kleine voorwerpen als paperclips en potloden die in het mandje moesten”, vertelt historicus Rosa Kösters. „Dat moesten de grote, verpakte goederen voorstellen. Op het orderbriefje stond hoeveel paperclips en potloden er in het mandje moesten.” Het wervingsteam beoordeelt wie het mandje het secuurst en snelst heeft gevuld. Dertig sollicitanten krijgen een contract aangeboden. Een jaar later wonen en werken ze in Zaandam.”
„Ook als je winst maakt, kun je nadenken over hoe je met mensen omgaat.”
Rosa Kösters
Albert Heijn leunt al sinds de opening van zijn allereerste distributiecentrum, eind jaren zestig, op arbeidsmigranten. Hun inzet is geen tijdelijke oplossing voor krapte op de arbeidsmarkt, zoals vaak gezegd wordt, maar een structureel onderdeel van het bedrijfsmodel van moederconcern Ahold.
Dat schrijft Kösters in haar proefschrift over zelforganisatie van arbeidsmigranten bij Ahold en andere bedrijven, waarop ze afgelopen donderdag promoveerde. Ze deed daarvoor onderzoek in de archieven van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) en dook in jaargangen van kranten, vakbondsarchieven, jaarverslagen en personeelsbladen van Ahold. Ze sprak niet met mensen van Albert Heijn zelf en maakte geen gebruik van het bedrijfsarchief. Het ging Kösters om het perspectief van werknemers, waar volgens haar genoeg bronnen voor waren buiten het archief van Albert Heijn.
Wat zegt het over Albert Heijn dat arbeidsmigranten structureel deel uitmaken van het bedrijfsmodel?
„Het eerste moderne distributiecentrum dat Albert Heijn heeft opgetuigd, in Zaandam, was er al op ingericht om laagbetaalde arbeidskrachten zwaar werk te laten doen. Vrijwel meteen kwamen er arbeidsmigranten te werken die zichzelf bij de poort van het distributiecentrum meldden voor werk. Enkele jaren na de opening is dat wervingsteam naar Turkije vertrokken om personeel te zoeken.
Veel arbeidsmigranten woonden in een oude school die Albert Heijn had omgebouwd tot grootschalige woonlocatie, genaamd AHAturk
„In het eerste distributiecentrum bestond 30 tot 40 procent van het personeel uit arbeidsmigranten, vooral uit Turkije en Marokko. Dat de meeste Nederlanders dat type werk niet wilden doen, wist Albert Heijn toen al.