Een lagere bloeddruk dan de richtlijn aanbeveelt, scheelt flink wat beroertes en hartinfarcten

Patiënten met een verhoogde bloeddruk hebben er baat bij om die meer te verlagen dan volgens de medische richtlijnen noodzakelijk is. Het risico op een hartinfarct of beroerte daalt daardoor nog meer en dat weegt op tegen de bijwerkingen van de medicatie.
Dat blijkt uit een grootschalige, internationale analyse die zondag is gepresenteerd op het congres van de Europese Vereniging voor Cardiologie. In de Nederlandse richtlijn staat dat de bovendruk bij patiënten onder de 140 mmHg moet komen. Nóg lager is geen doel, deels uit vrees voor bijwerkingen van de bloeddrukverlagers. Patiënten kunnen onder meer last krijgen van nierproblemen, maar ook duizelig worden en flauwvallen.
Toch de moeite waard
Chinese wetenschappers tonen nu aan dat het toch de moeite waard is om te streven naar een bloeddruk onder de 130 en zelfs onder de 120. Ze bestudeerden de gegevens van ruim 80 duizend patiënten, afkomstig uit zes grote onderzoeken.
Na ruim drie jaar had van de patiënten in de intensieve behandelgroep 5,3 procent een ernstige hart- of vaataandoening gekregen, zoals een beroerte of hartinfarct. In de standaardgroep was dat 7,1 procent, een afname van 25 procent.
3 miljoen patiënten
In Nederland kampen bijna drie miljoen patiënten met een hoge bloeddruk, dat maakt de onderzoeksresultaten van groot belang, zegt Frank Visseren, hoogleraar vasculaire geneeskunde (UMC Utrecht). Dat een lagere bloeddruk tot minder hart-en vaatziektes leidt, is bekend, zegt hij, maar voor het eerst zijn nu de voor- en nadelen van intensieve bloeddrukverlaging tegen elkaar afgezet.
Het effect van intensieve bloeddrukverlaging is niet voor alle patiënten even groot, daarom bevat het onderzoek een schema waarmee voor een aantal patiëntengroepen duidelijk wordt hoe groot de winst kan zijn. Voor vrouwen is de meerwaarde bijvoorbeeld groter dan voor mannen, voor 80-plussers die verder geen risicofactoren hebben, is de toegevoegde waarde gering.