Rotterdamse haven test bouw van oesterriffen met gekweekte larven

Wetenschappers, natuurorganisaties en bedrijven werken samen om oesterriffen aan te leggen bij windmolens, golfbrekers en kabels in de Noordzee. Ze testen hun methode volgende week op de Maasvlakte.
Een half miljoen jonge platte oesters maken komende dinsdag een duik in de Rotterdamse haven. Ze zijn een paar weken geleden als larven losgelaten in enkele zeecontainers gevuld met zeewater en stenen. Al na een paar dagen hebben ze zich gevestigd op de stenen. Inmiddels is de hechting sterk genoeg om de stenen met oesters en al in het water van de haven te kieperen.
Oesters op deze manier uitzetten is nieuw. Wetenschappers, natuurorganisaties en bedrijven verwachten dat de stenen vol oesters op de bodem van de haven een rif vormen, dat zichzelf uitbreidt. Slaagt deze test, dan volgt volgend jaar een proef in de Noordzee. Met deze stenen zal dan een kruising van elektriciteitskabels worden verstevigd.
Natuurorganisaties proberen al veel langer de fundering van windmolens, platforms, golfbrekers, kabels en leidingen te gebruiken als basis voor oesterriffen. “Die stenen worden overal in de Noordzee gestort, dan kun je ze dus ook hiervoor gebruiken”, zegt Pauline Kamermans, onderzoeker aan Wageningen Marine Research.
Ze filteren het water
De komende maanden volgen onderzoekers of de uitgezette oesters overleven en groeien. Is dat het geval dan volgt de tweede stap, op zee. Uiteindelijk zouden stenen met oesters al in het ontwerp, de bouw en het onderhoud van windparken of andere infrastructuur moeten worden meegenomen.
Oesterbanken verhogen de biodiversiteit onder water door een ondergrond te vormen waar andere dieren kunnen leven, schuilen en voedsel vinden en ze filteren het water, legt Kamermans uit.
