ABN Amro: veestapel krimpt met 15 tot 18 procent tot 2030, met gevolgen voor veevoer- en voedingsindustrie

Onderwijsgek, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons

In 2030 zijn er in Nederland 15 tot 18 procent minder melkkoeien, kalveren, kippen en varkens, voorspelt ABN Amro in een analyse van stikstof- en mestmaatregelen. De economische gevolgen zijn beperkt, maar leveranciers en afnemers van boeren worden hard geraakt.

Krimp van de veestapel is al zeker sinds 2019 een controversieel onderwerp. Om te voldoen aan Europese milieuwetgeving is het onvermijdelijk dat het aantal dieren daalt. Maatregelen die dat moesten bewerkstelligen, leidden echter tot felle boerenprotesten.

Inmiddels is een (lichte) daling van de veestapel een feit, en verdere daling verzekerd. Dat laatste komt vooral door de opkoopregelingen voor veehouders die het kabinet-Rutte IV openstelde naar aanleiding van het stikstofprobleem. Bijna 1.700 veehouders hebben zich daarvoor aangemeld. Naar verwachting stopt tweederde van de aanmelders ook daadwerkelijk.

Daarnaast voerde het kabinet-Schoof een (verhoogde) afroming van dierrechten in, wanneer die rechten worden verhandeld. Doel van die maatregel is de mestproductie van de Nederlandse veestapel te verlagen.

Samen zullen die maatregelen resulteren in een daling van het aantal melkkoeien, kalveren, kippen en varkens van 15 tot 18 procent in 2030, zo stelt ABN Amro. Gerekend vanaf 2019 krimpt de veestapel zelfs met 26 procent. Daarmee is een halvering van de veestapel, waar D66 destijds voor pleitte, nog niet in zicht.

Voor de gehele Nederlandse economie zijn de gevolgen van de veestapelkrimp beperkt, zo blijkt uit de raming van ABN Amro. De economie zou met 1,5 miljard krimpen, 0,15 procent van het bbp.

ABN Amro schat dat er ook 13.300 banen verloren zullen gaan. Maar dat is volgens Schreurs geen groot probleem. ‘Het gaat vooral om praktisch en technisch geschoold personeel. De kans is groot dat de meesten snel een nieuwe baan vinden, want bedrijven in de maakindustrie hebben dat soort personeel hard nodig.’