Met meer konijnen en minder wandelaars van het ‘stikstofslot’ in de Rotterdamse haven – maar voor grote delen van het land ligt het ingewikkelder

De haven van Rotterdam Dkvtig, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

Vier vragen Er ligt een plan klaar om de Rotterdamse haven uit de stikstoffuik te krijgen. Wat houdt het plan in, en waarom spelen konijnen een hoofdrol? En: kan de rest van het land de ideeën overnemen? Vier vragen en antwoorden.

door Sheila Kamerman en Enzo van Steenbergen

1 Wat houdt het plan in?

Jaimi van Essen,
minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Foto Martijn Beekman en Valerie Kuypers

De provincie Zuid-Holland, het Rijk, de gemeente Rotterdam, het Havenbedrijf en ondernemersvereniging Deltalinqs hebben samen onderzocht hoe de natuur in vier duingebieden – Voornes Duin, Solleveld & Kapittelduinen, Westduinpark & Wapendal en Meijendel & Berkheide – rondom de haven verbeterd zou kunnen worden. Daardoor zouden er weer vergunningen verleend kunnen worden aan bedrijven om te groeien en uit te breiden. Dat was de afgelopen jaren allemaal niet of nauwelijks mogelijk vanwege het ‘stikstofslot’.

Voor de uitvoering van dat plan trekt minister Jaimi van Essen (Landbouw en Natuur, D66) 50 miljoen euro uit.

Het verbeteren van de natuur in de kwetsbare gebieden rond de haven is relatief eenvoudig, omdat die er minder slecht aan toe is dan gedacht en het geen traditioneel veehoudersgebied is. Door de waterhuishouding te verbeteren, het vergroten van de konijnenpopulatie en invasieve planten te bestrijden wordt al flinke winst geboekt. Konijnen houden door hun aanwezigheid de vegetatie „open” en zorgen „voor de verstuiving van kalkrijk zand”, beide gunstig voor natuurherstel. Ook zou de „recreatiedruk” beperkt moeten worden – denk aan minder wandelaars en fietsers.

Voornes Duin FrDr, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

2 Wat levert het op?

Ruimte om te bouwen en ontwikkelen aan de westkant van de Rotterdamse haven. Je kunt dan denken aan installaties voor de productie van duurzame brandstoffen of de opslag ervan, zegt Tim Versnel, wethouder Haven en Economie (VVD) in Rotterdam. „En aan de verduurzaming van bestaande fabrieken en het uitbreiden van een containerterminal op de Tweede Maasvlakte.”

Ik kreeg vragen als: doen jullie ooit nog iets aan het stikstofslot en aan de netcongestie?

Tim Versnel wethouder Haven en Economie (VVD)

Na een paar jaar „tegenslag op tegenslag”, lijkt er weer ruimte te komen voor de haven, zegt Versnel. Hij sprak verschillende bestuurders van grote (internationale) bedrijven die langzamerhand hun geloof in de haven aan het verliezen waren. „Ik kreeg vragen als: doen jullie ooit nog iets aan het stikstofslot en aan de netcongestie?”

Als de stappen in de ‘routekaart’ worden opgevolgd, kan in de loop van komend jaar de vergunningverlening weer op gang komen, zegt hij. Versnel vindt dat belangrijk, juist omdat ook verduurzamingsprojecten stagneerden. „Ons doel is om in 2050 de duurzaamste haven ter wereld zijn. Juist in een tijd dat we onafhankelijker proberen te worden, is het cruciaal dat we in de haven kunnen investeren.”

Meijendel, Wassenaar by G.Lanting, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons

3 Heeft dit te maken met de grote stikstofplannen van het kabinet?

Zeker. Het stikstofprobleem gaat, technisch gezien, om het al dan niet verlenen van natuurvergunningen om te bouwen, te verduurzamen of moderniseren. Door een uitspraak van de Raad van State in 2019 is dat ingewikkeld geworden: de Nederlandse natuur staat er volgens de hoogste bestuursrechter zo slecht voor, dat vrijwel geen stikstof meer mag neerdalen op kwetsbare gebieden. Sinds de uitspraak uit 2019 liggen veel projecten daarom dus stil, ook in de Rotterdamse haven.

Eind juni is het kabinet met een groot stikstofplan gekomen waardoor Nederland uit deze knoop moet komen. Uiteindelijk komt het allemaal hier op neer: als bewezen kan worden dat bedrijven de natuur niet extra schade toebrengen, kunnen weer natuurvergunningen worden verleend.

Per stukje Nederland wordt in ‘gebiedsprocessen’ gekeken hoe de natuur kan verbeteren en wat bedrijven, boeren, natuurorganisaties, lokaal en regionaal bestuur precies moeten doen om dat voor elkaar te krijgen.

Het plan van de Rotterdamse haven is ook zo’n gebiedsproces. En al moet het nog in de praktijk worden gebracht: hier lijkt met een relatief bondig plan de vaart er weer in te kunnen komen.

Westduinpark 2020 Tukka, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

4 Kan dit dan ook in de rest van het land?

Helaas. In veel gebieden is (veel meer) intensieve veehouderij. Die zorgt voor de grootste stikstofuitstoot van het land, maar het gaat tegelijkertijd om bedrijven van boeren en hun gezinnen die er wonen en werken.

In dat soort gebieden – denk De Peel in Brabant, de Veluwe in Gelderland – is het heel ingewikkeld om tot een goed gebiedsproces te komen. Angst en boosheid over de stikstofplannen leiden daar soms tot stevige boerenprotesten, en uiteindelijk is het zonder twijfel zo dat sommige boeren hun bedrijf zullen verliezen.

Door die verbondenheid met de levens van mensen én de complexiteit van het stikstofprobleem in de veehouderij, komt de overheid er in een groot deel van het land daarom niet met 50 miljoen euro, een ‘routekaart’, goede samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven en een stel grazende konijnen.

fout: