Jeugdgezondheidszorg voor twintigduizend asielkinderen is vooralsnog vanaf oktober maanden niet beschikbaar | ‘We zien kinderen als vreemdeling, we moeten ze juist beschermen’

CB106492” by hepingting is licensed under CC BY-SA 2.0

Kinderombudsman Margrite Kalverboer: ‘We zien kinderen als vreemdeling, we moeten ze juist beschermen’

Nationaal Kinderombudsman Margrite Kalverboer © Kinderombudsman

30 april 2024

Vermissingen Een op de achttien alleenstaande asielkinderen verdwijnt in Nederland uit de opvang. De Kinderombudsman reageert. ‘Het systeem ontmenselijkt. We hebben deze kinderen anoniem gemaakt.’

Kinderombudsman Margrite Kalverboer pakt het internationale Kinderrechtenverdrag van de Verenigde Naties erbij en bladert naar artikel 22. Dat gaat over alleenstaande minderjarige vluchtelingen. Als een kind in z’n eentje naar een ander land vlucht, staat er in het artikel, moet het kind in dat land worden beschermd en geholpen. Dat land is ook verplicht het kind te helpen de familie te vinden.

Meer dan achthonderd alleenreizende kinderen verdwenen de afgelopen drie jaar uit de Nederlandse opvang, blijkt uit een inventarisatie van journalistiek onderzoekscollectief Lost in Europe. Een Amber Alert is voor zover bekend na geen van deze vermissingen uitgestuurd. „Dat typeert de tragedie in een notendop. Ik realiseer me nu dat wij deze kinderen die zonder ouders naar Nederland zijn gevlucht, helemaal niet beschermen. We sporen ze niet op. We helpen ze niet hun ouders te zoeken. We bieden ze geen fysieke en geen pedagogische veiligheid.”

Hoe verklaart u dat?

„Wij zien deze kinderen niet als onze kinderen. Het zit niet in ons collectieve bewustzijn om deze kinderen te helpen. Het begint er al mee dat we deze kinderen ‘alleenstaande minderjarige vreemdelingen’ noemen, niet vluchtelingen. Dat is geen term die je gebruikt voor een kind dat in z’n eentje van buiten Europa naar Nederland is gevlucht en asiel aanvraagt. Door een structureel capaciteitstekort aan plekken voor alleenstaande minderjarigen belanden ze ook vaker in volwassenenopvang. We zien deze kinderen in de eerste plaats als vreemdeling. Met alle risico’s van dien.”

„Heb jij ooit een Amber Alert gezien voor een kind dat verdween uit onze asielopvang?”

Welke risico’s bedoelt u?

„Als je kinderen anoniem maakt en laat opgaan in een groep vreemdelingen, dan duw je ze van je af. Het systeem duwt ze weg, ziet ze niet, en ontmenselijkt. Dan zullen ze ook eerder verdwijnen. Kinderen die zonder ouders reizen zijn kwetsbaar en beïnvloedbaar. Die moet je beschermen, ze zijn niet zelden slachtoffer van mensenhandel, van uitbuiting. En in de volwassenenopvang, bleek na onderzoek van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum), is de kans daarop groter dan op een plek met alleen vluchtelingenkinderen. ”

Sommige kinderen worden door hun ouders vooruitgestuurd zodat ze in aanmerking komen voor gezinshereniging.

„Dat ontken ik niet. Ik ontken evenmin dat onder deze vermisten zich ook minderjarigen bevinden uit veilige landen als Marokko, Algerije en Tunesië. Maar dat ontslaat de overheid niet van de plicht om te helpen. Kijk in de eerste plaats naar de intentie, het kwaad zit niet bij de kinderen. Ons systeem stelt nu misbruik centraal – en we weten wat er dan gebeurt, kijk naar het Toeslagenschandaal. Maar deze kinderen zijn slachtoffer. Ik verzet me tegen ontmenselijking en maatschappelijke onverschilligheid.”

Jeugdgezondheidszorg voor twintigduizend asielkinderen is vooralsnog vanaf oktober maanden niet beschikbaar

Petra de Jong, voorzitter Jeugdartsen Nederland AJN © AJN

3 augustus 2026

Commerciële zorg Petra de Jong, voorzitter van de vereniging van jeugdartsen AJN, vindt het ,,onverteerbaar” dat vanaf 1 oktober asielkinderen maandenlang geen jeugdgezondheidszorg meer krijgen.

Wie gaat pasgeborenen op COA-locaties vaccineren? Over nog geen twee maanden, op 1 oktober, stoppen jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen van contractant GGD GHOR ermee. En pas volgend jaar zomer, op 1 juni, neemt de commerciële zorgketen Arts en Zorg de jeugdgezondheidszorg aan asielzoekerskinderen van nul tot en met zeventien jaar over.

Beroepsvereniging AJN trekt namens 1.500 jeugdartsen aan de bel. Voorzitter Petra de Jong noemt onzekerheid over de preventieve basiszorg voor zo’n kwetsbare groep kinderen „onverteerbaar”. In totaal gaat het om bijna twintigduizend asielzoekerskinderen. Ze vindt het „onbegrijpelijk” dat ze onder een ander regiem gaan vallen dan de andere 3,3 miljoen kinderen in Nederland en waarschuwt voor „versnippering van de collectieve en preventieve jeugdgezondheidszorg”.

Pasgeboren baby’s krijgen in Nederland een hielprik, neonatale gehoorscreening en vaccinaties tegen onder meer mazelen en rodehond, zoals vastgesteld in het Rijksvaccinatieprogramma, vanaf twee weken tot veertien jaar. Jeugdartsen blijven de ontwikkeling van opgroeiende kinderen volgen, door ze regelmatig te wegen, te meten en te spreken, vaak met hun ouders. Al meer dan twintig jaar verlenen jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen, verspreid over 34 jeugdgezondheidsorganisaties, deze preventieve zorg ook in asielzoekerscentra.

Maar het COA moet deze gezondheidszorg voor asielkinderen van nul tot en met zeventien jaar volgens Europese regels aanbesteden. Afgelopen april won een onderdeel van Arts en Zorg, Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA), de aanbesteding, op basis van onder meer een fors prijsverschil. De commerciële contractant levert al sinds 2018 huisartsenzorg voor asielzoekers. GZA gaat de preventieve jeugdgezondheidszorg aanbieden samen met Jong JGZ, een non-profitorganisatie die asielkinderen in Zuid-Holland Zuid zorg verleent.

‘Een oplossing’

GGD GHOR Nederland reageerde geschrokken en liet via Medisch Contact weten vanaf oktober „gezien de krappe arbeidsmarkt” niet langer preventieve basiszorg voor asielzoekerskinderen te kunnen garanderen. Het COA overlegt nu met Arts en Zorg of de nieuwe aanbieder versneld aan de slag kan met gezondheidszorg voor asielkinderen. Een woordvoerder van het COA heeft er alle vertrouwen in dat er „op tijd een oplossing komt”.

AJN-voorzitter De Jong plaatst hier haar vraagtekens bij. Wie gaat deze kwetsbare groep de zorg leveren met nog minder dan twee maanden te gaan? De voorzitter vraagt zich af of er wel genoeg jeugdartsen en –verpleegkundigen beschikbaar zijn bij de commerciële aanbieder. „Er zijn al grote tekorten aan jeugdartsen en het is ook maar de vraag of die willen overstappen. Sommigen willen bij hun vertrouwde werkgever blijven, weet ik, anderen hebben al een andere baan.”

Over de onzekere overbruggingsperiode werden in mei Kamervragen gesteld aan minister Bart van den Brink (Asiel en Migratie, CDA) en de ministers Mirjam Sterk (CDA) en Sophie Hermans (VVD), beiden verantwoordelijk voor Zorg. Die vragen werden vooralsnog niet beantwoord.

Bart van den Brink,
minister van Asiel en Migratie, viceminister-president
Foto Martijn Beekman en Valerie Kuypers
Mirjam Sterk,
minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport Foto Martijn Beekman en Valerie Kuypers
Sophie Hermans,
minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Foto Martijn Beekman en Valerie Kuypers
error: