Meeste instellingen voor intensieve zorg overtreden de wet: nog altijd worden bewoners opgesloten

ZorgĀ De meeste aanbieders van ā24 uurszorgā ā aan jongeren, aan gehandicapten, aan ouderen ā leven de wet niet na, constateert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Ze worstelen met de opdracht de deuren van hun gebouwen te openen en de vrijheid van hun bewoners te garanderen.
De meeste verpleeghuizen in Nederland overtreden nog altijd de wet door bewoners achter gesloten deuren te houden. Ook het merendeel van de instellingen dat dag en nacht zorg levert aan jongeren, aan gehandicapten en aan psychiatrische patiĆ«nten sluit cliĆ«nten op, terwijl de wet juist een zogenoemd āopendeurenbeleidā voorschrijft. Dat blijkt uit een maandag verschenen publicatie van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
De Inspectie beschikt niet over cijfers van het totale aantal zorginstellingen in Nederland dat in de fout gaat: ze hield āslechtsā een steekproef onder 113 zorgaanbieders via een toezichtsronde afgelopen najaar. Ook bezocht ze instellingen in eerdere jaren. Genoeg reden voor de constatering dat een āmeerderheidā van de instellingen voor ā24uurs-zorgā bewoners bij tijd en wijle opsluit.
De wet schrijft al sinds 2020 voor dat zorginstellingen zoals verpleeghuizen en psychiatrische klinieken de deuren openen voor hun bewoners. Dwangzorg ā van het fixeren van patiĆ«nten tot het op slot draaien van kamer- en buitendeuren ā werd taboe verklaard, behalve bij een āaanzienlijk risicoā op levensgevaarlijke situaties of zwaar letsel. De wet markeerde een fundamentele verschuiving: niet veiligheid maar vrijheid is sindsdien topprioriteit.
Verpleeghuizen leren ook ānauwelijks van elkaarā, zegt Inspectiewoordvoerder Frank Wassenaar. āWe bezochten twee verpleeghuizen die heel dicht bij elkaar liggen, in ƩƩn dorp. De ƩƩn had open deuren, de ander had de deuren dicht, en dat wisten ze niet van elkaar.ā
Er breekt een periode van strengere handhaving aan
Frank Wassenaar inspectiewoordvoerder
Instellingen mĆ©t een opendeurenbeleid hebben iets gemeen, ziet de Inspectie: een ābreed gedragen visie en beleidā en zorgmedewerkers die āzich gesteund voelen door het management.ā Zonder die visie en steun neigen zorgmedewerkers er sneller naar het zekere voor het onzekere te nemen door die ene mevrouw met vergevorderde dementie tóch maar de doorgang naar de vrije buitenlucht te ontzeggen. Want tsja: wat nou als haar juist tijdens hĆŗn dienst iets ernstigs overkomt? āDe ākwaliteit van levenā staat vooropā, schrijft de Inspectie. āDesnoods met enig risico, maar dan houd je als mens nog wel zo veel mogelijk je eigen regie over je eigen leven. Absolute veiligheid bestaat niet.ā