Wethouder Sofyan Mbarki: ‘En als dat voor de premier een integratieprobleem is, dan ben ik er trots op om het integratieprobleem te zijn.’
De aanslagen op de Twin Towers in New York hebben de Amsterdamse PvdA-wethouder Sofyan Mbarki gevormd. Hij ziet dat jongeren nu zo’n zelfde ervaring hebben met de genocide in Gaza. ‘Jullie met je mensenrechten, waarom doen jullie niets?’, hoort hij op scholen.
Er is een tijd vóór en een tijd ná de aanslag voor de nu 41-jarige Amsterdamse wethouder Sofyan Mbarki (1984). Na de Maccabi-rellen in Amsterdam vorig jaar, en de alweer oplaaiende politieke discussie over gebrekkige integratie van met name Marokkaanse jongeren, vond hij het hard nodig om zijn visie en persoonlijke verhaal op te schrijven. Het werd een bevlogen persoonlijk en politiek betoog, getiteld Maar jij bent een goeie, dat onlangs in boekvorm verscheen.
Vóór 11 september had hij altijd het gevoel dat hij er mocht zijn.
Vóór 11 september had hij altijd het gevoel dat hij er mocht zijn. Hij had geluk in het leven, zo kijkt hij terug, met een vader die als Marokkaanse gastarbeider naar Nederland was gekomen om zijn gezin kansen te bieden, een slimme, lieve moeder die hem aanmoedigde, juffen die hem van zijn stotteren afhielpen, een Amsterdamse agent die hem op een cruciaal moment streng toesprak, en een geschiedenisleraar die hem inprentte altijd kritisch te blijven en zijn mond open te doen.
Ná 11 september had hij het idee dat zijn loyaliteit op de proef werd gesteld.
[Ná 11 september had] hij het idee dat zijn loyaliteit op de proef werd gesteld. Net als veel jongeren in die tijd werd hij in Amsterdam-West zelfs letterlijk benaderd op straat om mee te strijden met de jihad, zo schrijft hij in zijn boek. Achteraf vermoedt hij dat dat een lid was van de Hofstadgroep, de geradicaliseerde groep jongeren waaruit de moordenaar van filmmaker Theo van Gogh (vermoord in 2004) voortkwam. Mbarki gaf een braaf antwoord, dat zijn heilige strijd er vooral over ging hoe hij als mens beter kon worden. De jihadist droop af.
“Op een gegeven moment besloot ik dat het genoeg was geweest. Ik had geen zin meer om uit te leggen dat ik deug. Ik besloot: ik ga lekker verder met mijn leven. Ik heb geen zin om de speelbal te zijn van onderbuikgevoelens van anderen.”
‘Waar blijven jullie nou?’
Naast economische zaken heeft Mbarki ook onderwijs in zijn portefeuille. Hij volgde wethouder Marjolein Moorman op, die naar Den Haag vertrok. Maar ook voordat hij zelf het gemeentelijk onderwijsbeleid maakte, was hij betrokken bij het onderwijs in Amsterdam: zo werkte hij als docent.
Hij gaat als wethouder regelmatig op scholen in gesprek met leerlingen. Dan ziet hij wat voor impact de genocide in Gaza heeft op jongeren.
“Ze zijn teleurgesteld, ook in ons. ‘Jullie met je grote verhalen over mensenrechten en internationale rechtsorde. Waar blijven jullie nou?’, zeggen ze.”

“Ze hebben gelijk. Ikzelf besefte na 11 september hoe belangrijk mensenrechten zijn, hoe belangrijk verzoening is, hoe belangrijk het is dat we niet uit elkaar worden gedreven. Ik heb als student scholen bezocht samen met een Joodse student om de leerlingen te laten zien wat verbinding betekent en hoe belangrijk dialoog is.”
En nu zit hij zelf aan de knoppen, is hij zelf de volwassene, de politicus die iets zou kunnen veranderen. Ook hij kijkt machteloos toe hoe het Israëlische leger maar doorgaat met het vermoorden van Gazanen, hoe de Nederlandse regering daar geen ferm standpunt tegen inneemt.
“Voor de jongeren die nu achttien, twintig zijn, is dit een grote teleurstelling, vergelijkbaar met hoe wij 11 september hebben ervaren.”
Ik ben er trots op het integratieprobleem te zijn’
Het heeft hem gevormd, natuurlijk. Meer bewust gemaakt van zijn positie en trots op waar hij vandaan komt. Trots op zijn ouders ook, die als gastarbeiders naar Nederland kwamen en zich hier staande hielden. “Maar dat maakt mij niet minder Nederlander, integendeel. Hier groeien mijn kinderen op, hier wil ik begraven worden. En als het moet, zal ik hier aan de grens staan om het land te verdedigen.”
De directe aanleiding voor het schrijven van zijn boek waren de Maccabi-rellen in Amsterdam in november 2024, toen Israëlische voetbalsupporters slaags raakten met groepjes mannen op straat, en vooral de Haagse reactie erop.
Mbarki liep zich het vuur uit de sloffen om de boel te sussen. Hij schreef een emotioneel bericht op LinkedIn over hoe hij zich door premier Dick Schoof weggezet voelde als een Marokkaan met een integratieprobleem.
Wat me misschien nog wel het meest heeft verbaasd, is hoe ver de Haagse werkelijkheid van de Amsterdamse werkelijkheid afstaat
Een fragment van dat bericht: ‘Samen met vele andere Amsterdammers met een migratieachtergrond die bijvoorbeeld werken bij de politie, in het onderwijs, in de zorg, in het openbaar vervoer en andere belangrijke sectoren zetten wij ons elke dag in voor het herstellen van vertrouwen en de terugkeer van de rust in onze mooie stad. En als dat voor de premier een integratieprobleem is, dan ben ik er trots op om het integratieprobleem te zijn.’
En als dat voor de premier een integratieprobleem is, dan ben ik er trots op om het integratieprobleem te zijn.