Gepensioneerde woningbezitters hebben het financieel makkelijker dan gepensioneerde huurders

women, senior citizens, kitchen, old ladies, grandmothers, elderly, senior, sisters, friends, tea time, lunchroom, senior citizens, senior citizens, senior citizens, senior citizens, senior citizens, kitchen, old ladies, senior, senior, senior, tea time
Photo by Elf-Moondance on Pixabay

Gepensioneerde woningbezitters houden meer over dan huurders die met pensioen zijn. De woningbezitter leeft vaak vrijwel hypotheekvrij en heeft daarmee aanzienlijk lagere vaste lasten dan een gepensioneerde die huurt. Ook andere uitgavenposten zijn doorslaggevend voor de vraag of het pensioen voldoende is om van rond te komen. Dat blijkt uit onderzoek dat het Nibud heeft gedaan naar de uitgaven van gepensioneerden.

‘Ben je eenmaal met pensioen, dan heb je weinig invloed meer op je inkomen,’ stelt Nibud-woordvoerder Karin Radstaak. ‘Dus het is niet alleen goed om te weten hoeveel je tegen die tijd kunt besteden, maar ook wat je daadwerkelijk nódig hebt om het leven te kunnen leiden dat bij je past.’

Eigenwoningbezit

Het eigenwoningbezit onder 60-plussers is fors toegenomen. In 2010 had 42 procent van de 75- tot 85-jarigen een eigen huis, in 2023 was dat 56 procent. ‘Dat huis is rondom het moment van pensionering vaak bijna of helemaal afbetaald,’ weet onderzoeker Marcel Warnaar van het Nibud.

Hoewel het inkomen bij pensionering vaak lager wordt, is dat voor deze groep een minder grote verandering dan voor huurders. Warnaar: ‘Hun inkomen wordt ook lager, maar de huur niet. Sterker nog: die stijgt meestal jaarlijks.’

Dalende uitgaven

Uitgaven aan bijvoorbeeld kleding, vrije tijd en vervoer dalen naarmate de leeftijd stijgt. ‘Sinds ik met pensioen ben, heb ik elke dag vakantie en veel minder behoefte om op vakantie te gaan,’ zegt één van de ondervraagden. Huishoudens met lagere inkomens geven vrijwel meteen na pensioneren minder uit aan uitstapjes en vakantie.

Stijgende uitgaven

De uitgaven aan energie, voeding en zorg nemen vaak toe. Aan de ene kant komt dat doordat er meer van wordt gebruikt, aan de andere kant zijn dit ook de uitgavenposten die sterk aan prijsstijgingen onderhevig zijn. Veel geïnterviewden benadrukken dat zij zuinig(er) zijn gaan leven: ‘Ik heb een redelijk pensioen, maar ik moet de laatste jaren wel goed budgetteren’ en ‘ik heb geen spaargeld meer en moet voor brillen en schoenen stichtingen vragen om hulp’.