Hoe Israël Palestijnse tienerjongens terroriseert, breekt en achter tralies laat wegkwijnen

Children standing next to a demolished car-painting workshop in Dura Al Qar’a, Ramallah governorate. Destroyed for lacking an Israeli building permit, the structure was the source of livelihood for a family of nine. Photo: OCHA

Negen maanden en veertien dagen zat Aziz, om veiligheidsredenen niet zijn echte naam, in Israëlische detentie. Hij was vijftien toen militairen hem meenamen en werd achter de tralies zestien. Zijn ouders zagen hem al die tijd niet in levenden lijve. Zijn zaak kwam dertien keer voor de militaire rechtbank, maar werd telkens uitgesteld terwijl hij in hechtenis bleef. Alleen tijdens twee van die zittingen zag zijn moeder hem via een scherm.

Bekentenis onder dwang

Dat Aziz als vijftienjarige voor een militaire rechtbank verscheen, is geen uitzondering. Op de Westelijke Jordaanoever kunnen Palestijnse kinderen vanaf twaalf jaar onder militair recht vervolgd worden, terwijl Israëlische kinderen in nederzettingen op hetzelfde grondgebied onder het civiele jeugdstrafrecht vallen, met andere procedure- en beschermingsregels. Palestijnse minderjarigen kunnen er bovendien zonder aanklacht of proces administratief worden vastgehouden.

Kinderen uit Gaza kunnen sinds de Hamasaanval op 7 oktober 2023 onder een nog restrictiever regime als ‘onwettige strijders’ worden opgesloten, zonder een gewone strafzaak. Het Internationaal Gerechtshof verwerpt de juridische scheiding tussen Palestijnen en kolonisten als verboden segregatie en discriminatie, terwijl de VN-kinderrechtencommissie ook militaire berechting en opsluiting van kinderen zonder aanklacht of proces afwijst.

De meest voorkomende aanklacht is stenengooien. Daarop staat maximaal tien jaar cel; bij gooien naar een rijdend voertuig kan dat oplopen tot twintig jaar. Ook Aziz werd daarvan beschuldigd. De aanklager baseerde zich onder meer op zijn bekentenis. Aziz ontkent de feiten. “Ik heb nooit stenen gegooid naar kolonisten of Israëlische voertuigen. Maar ze sloegen me tot ik bekende.”

Op 30 november 2025 kwam Aziz vrij. Op de dag van zijn vrijlating stemde hij in met een schuldbekentenis, in ruil voor een straf die gelijkstond aan de negen maanden die hij al had vastgezeten. Daardoor kwam er geen inhoudelijk oordeel over zijn verklaring onder geweld.

Maar zelfs negen maanden later spreekt hij nog altijd alsof de gevangenis kan meeluisteren. “De bewakers zeiden: ‘Als je ooit vertelt wat we met je hebben gedaan, brengen we je terug’.” Toch wil hij vertellen.

‘Vijf militairen sprongen op me’

“Het begon op 16 februari 2025, rond half drie ’s nachts”, zegt Aziz. Vijf legerjeeps reden het dorp binnen. Volgens zijn familie waren er zo’n vijftig militairen, met geweren en wapenstokken. Een deel nam positie in op het dak, anderen vielen het huis binnen. “Waar is je oudste zoon?”, riepen ze naar zijn vader. Die wees naar de slaapkamer. Aziz lag te slapen. “Ze maakten me wakker. Gewoon in mijn eigen bed.”

Toen de militairen hem zagen, aarzelden ze volgens de familie. “Hij is veel te jong”, zeiden ze. Pas zijn identiteitskaart overtuigde hen. Ze vroegen om zijn telefoon. Toen hij die niet meteen afgaf, werd hij geslagen. “Vijf militairen sprongen op me. Ze gooiden me op de bank, sloegen me en duwden me tegen de muur.”

Geboeid en geblinddoekt werd hij naar buiten gebracht, in alleen een T-shirt. Zijn moeder rende met een jas achter hem aan, de koude winternacht in. Ze kwam niet bij hem. Toen ze vroeg waar haar zoon naartoe ging, kreeg ze één antwoord: “Hou je mond.” Een etmaal lang wist het gezin niet waar hij was.

Op de militaire basis van Beit El, vlak bij Ramallah, werd Aziz naar eigen zeggen uren verhoord, zonder ouder of advocaat. “De commandant zei telkens: ‘Ik vind je verhaal niet goed’. Dan stuurde hij me naar de militairen. Zij sloegen me, brachten me terug en daarna stuurde hij me weer naar hen.”

De slagen werden volgens Aziz steeds heviger. “Ze gooiden me op mijn rug en sloegen op mijn borst en in mijn genitaliën. Ik hoorde twee ribben breken en kon bijna niet meer ademen.” Militairen beloofden dat hij naar huis mocht als hij bekende. “Pas toen ik zei dat ik stenen had gegooid, hield het geweld op.”

Op het politiebureau in de nederzetting Binyamin moest hij de verklaring voor een camera herhalen en Hebreeuwse documenten tekenen. “Ik vroeg wat er stond. Ze zeiden: ‘Niet praten, gewoon tekenen’.”

Pas dagen later sprak Aziz een advocaat en vertelde dat hij onder geweld had bekend. Zijn moeder zag via een video zijn gezwollen gezicht en krassen in zijn hals. Zijn verklaring bleef niettemin in het dossier en zijn voorarrest werd verlengd.

Rechten minderjarigen worden niet gerespecteerd

Zijn zaak staat niet op zichzelf. Diezelfde nacht werden nog drie minderjarige jongens uit het dorp opgepakt en van stenengooien beschuldigd. Een van hen was Mohammed Zaher Ibrahim, een vijftienjarige Palestijnse Amerikaan uit Florida. Advocaat Labib Habib stond alle vier de jongens bij.

“Er is geen respect voor minderjarigen”, zegt Habib. “Hun rechten staan op papier, maar de Israëliërs weten hoe ze de indruk moeten wekken dat alles in orde is. In werkelijkheid worden kinderen gedwongen bekentenissen af te leggen en worden hun rechten in 99 procent van de gevallen niet gerespecteerd.”

Sinds de Hamasaanval van 7 oktober 2023 en Israëls daaropvolgende genocidale geweld in Gaza is het aantal Palestijnse gevangenen in Israëlische detentie bijna verdubbeld: van 4764 eind september 2023 naar 9323 in 2026. Ook het aantal minderjarigen steeg sterk: van 146 op 30 september 2023 naar ongeveer 370 in de zomer van 2026, ruim tweeënhalf keer zoveel. Meer dan de helft van de minderjarigen werd in 2025 in de isoleercel geplaatst, blijkt uit data die twee Israëlische mensenrechtenorganisaties verzamelden. Vijf jongens waren 13 of 14 jaar oud.

Vooral administratieve detentie nam toe. Eind september 2023 zaten 23 Palestijnse minderjarigen zonder aanklacht of proces vast. In maart 2026 waren dat er 191, meer dan acht keer zoveel. Vijftig van hen zaten toen al langer dan een jaar vast, tegenover zes in maart 2025. In het voorjaar van 2026 was slechts 7 procent van de vastgehouden minderjarigen veroordeeld en zat ongeveer de helft administratief vast.

De detentie geldt telkens voor zes maanden, maar kan met geheim bewijs onbeperkt worden verlengd, zonder dat kind of advocaat dat bewijs mag inzien. Israël noemt de maatregel noodzakelijk tegen acute veiligheidsdreigingen. Titi Carmel van de Israëlische ngo Parents Against Child Detention ziet er beleid in: “Wanneer meer dan de helft zonder aanklacht of proces wordt vastgehouden, is dat geen uitzondering meer.”

Er is al langer een patroon. Unicef concludeerde al in 2013 dat Palestijnse minderjarigen tijdens arrestatie, verhoor en gevangenschap op ‘wijdverspreide, systematische en geïnstitutionaliseerde’ wijze werden blootgesteld aan geweld, dwang en vernedering. Ook kinderrechtenorganisatie Save the Children documenteerde in april 2026 een verslechtering van de condities, met zelfs gebruik van seksueel geweld.

Intussen verdween vrijwel elk onafhankelijk toezicht op wat zich binnen de gevangenismuren afspeelt. Familie en het Rode Kruis mochten niet meer op bezoek komen. Voedsel, douches, luchtplaatsen en niet-dringende medische zorg werden beperkt, documenteerde de VN. Hoewel het Israëlische Hooggerechtshof in juni 2026 hervatting van Rode Kruisbezoeken beval, heeft die organisatie nog altijd geen toegang.

Bedorven eten

Pas na Aziz’ vrijlating hoorde zijn familie wat zich achter de gevangenismuren had afgespeeld. Via Beit El en Binyamin belandde hij in Al-Moskobiya, het Israëlische verhoorcentrum in Jeruzalem, waar hij 23 dagen in isolatie doorbracht. Daarna volgde de Megiddo-gevangenis in het noorden van Israël. Daar maakte de afzondering plaats voor overbevolking: tien minderjarigen deelden een cel met zes bedden.

“Bijna iedereen werd ziek. Darminfecties en schurft gingen van jongen op jongen. Ook ik raakte besmet”, vertelt Aziz. “We konden ’s nachts niet slapen. De lichten bleven aan. Als we om een arts vroegen, kwam er niemand. Er kwam nooit hulp.”

Ook de honger in de cel nam toe. “Soms kregen we samen één appel en één potje rijst.” Tijdens de ramadan werd het eten volgens Aziz soms uren voor zonsondergang klaargezet. “Wanneer we eindelijk mochten eten, was het al bedorven. Maar we hadden niets anders.”

Advocaat Habib hoort zulke verhalen voortdurend. “Ik heb het over uiterst wreed geweld. Dat gebeurt stelselmatig. Er hoeft bovendien geen enkele aanleiding te zijn om iemand in elkaar te slaan.” Hij behandelt naar eigen zeggen vijftig tot honderd gevangenenzaken. “Mensen worden er bewust uitgehongerd. De meesten verliezen twintig of zelfs dertig kilo.”

‘De natuurlijke plek voor terroristen is het graf’

De gevangenisdienst valt onder minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben-Gvir, die door Nederland persona non grata is verklaard wegens extremistische uitspraken en oproepen tot geweld. Hij windt er geen doekjes om. “De natuurlijke plek voor terroristen is het graf. En als ze in de gevangenis belanden, moeten ze daar zoveel mogelijk lijden”, zei hij al in september 2023.

Op de vraag wat hem het meest bijbleef, hoeft Aziz niet lang na te denken. “Ik zag een andere tiener voor mijn ogen sterven. Dat ga ik nooit vergeten.”

Hij heeft het over de zeventienjarige Walid Khaled Abdullah Ahmad uit Silwad, zijn celgenoot. Ongeveer twee weken na Aziz’ aankomst zakte Walid in elkaar. “We dachten dat hij was flauwgevallen.” De jongens riepen om hulp. Volgens Aziz reageerden de bewakers niet meteen. “Toen zij uiteindelijk kwamen, tilden ze hem niet op, maar sleepten hem aan zijn benen weg. We waren allemaal bang.” Walid keerde niet terug.

Hij overleed op 22 maart 2025. Volgens de organisatie Defense for Children International-Palestine was Walid de eerste bekende Palestijnse minderjarige die in Israëlische gevangenschap stierf. De Palestinian Prisoners’ Society telde op 29 maart 2026 sinds het begin van de oorlog 89 bevestigde sterfgevallen, onder wie 52 inwoners van Gaza.

Vóór zijn arrestatie was Walid volgens gepubliceerde dossierinformatie een gezonde scholier die graag voetbalde. Hij werd opgepakt op verdenking van stenengooien, maar nooit aangeklaagd. Een autopsie beschreef extreem gewichtsverlies, verdwenen spier- en vetweefsel, darmontsteking en schurft. In het door Reuters ingeziene verslag was sprake van ‘langdurige ondervoeding’; uithongering, infectie en uitdroging werden als mogelijke factoren genoemd. Rechter Ehud Kaplan schreef dat niet mocht worden verhuld dat Walid kennelijk was uitgehongerd. Toch sloot hij het onderzoek: een onbetwistbaar verband tussen een mogelijk strafbaar feit en Walids dood kon volgens hem niet worden vastgesteld.

De gevangenisdienst ontkent uithongering en systematische verwaarlozing

Nochtans oordeelde op 7 september 2025 het Israëlische Hooggerechtshof dat de staat onvoldoende waarborgde dat Palestijnse gevangenen de wettelijk voorgeschreven drie maaltijden per dag kregen. Het beval de gevangenisdienst onmiddellijk maatregelen te nemen. Vijf maanden later bleek uit dertien door Reuters ingeziene verslagen over 27 gevangenen dat er volgens de meesten nauwelijks meer eten was gekomen. De Israëlische mensenrechtenorganisatie ACRI stelde dat de uitspraak onvoldoende werd uitgevoerd. De gevangenisdienst ontkent uithongering en systematische verwaarlozing en zegt volgens de wet te handelen.

In de groepszaak met onder anderen Aziz kwam de doorbraak uit een andere hoek: Washington. Door Ibrahims Amerikaanse nationaliteit trok zijn detentie de aandacht van congresleden. “Dat was opmerkelijk”, zegt Habib. “Hoge functionarissen oefenden van verschillende kanten druk uit. Dat hielp mijn zaak.” Na maanden aandringen kreeg hij de verhoorbeelden in handen en legde die voor aan de aanklager. “Die had geen andere keuze dan met hun vrijlating in te stemmen. Tegen die tijd hadden ze al negen maanden vastgezeten.”

Volgens Habib toont de zaak hoe groot de afstand is tussen rechten op papier en de dagelijkse praktijk. “De wet bestaat en ze zeggen dat ze haar respecteren. Maar zodra je naleving probeert af te dwingen, werpen ze obstakels op. In een andere zaak probeer ik al twee jaar alle documenten te krijgen. Nog altijd heb ik ze niet. Zo hollen ze die rechten in de praktijk uit.”

Verstokte Nederlandse zionist (Podcast Radio Vrij Nederland d.d. 29JUL2026)

“De holocaust dat is een fenomeen wat wij goddank daarna niet meer gekend hebben: het uiroeien van joden Sinti en Roma op een systematische wijze, industrieel, acht jaar voorbereid.

Dat is er in Gaza en de Westbank niet aan de hand.

Maar door het aan de holocaust te koppelen bagetalliseer je die holocaust en maak je alle emotie over wat er nu in het Midden-Oosten gebeurt alleen maar heftiger en komen we ook in dit land sterker tegen elkaar te staan.”

< Palestina: “Leeg land”, Apartheid en systematische industriele sadistische omvolking, genocide 80 jaar voorbereid, narcistische focus van zionist op eigen slachtofferschap >

fout: