Uitgesproken veganist Wouter Waayer: ‘Er moet iets veranderen in hoe we met dieren omgaan’

Calves – Yarra Valley Dairy” by avlxyz is licensed under CC BY-SA 2.0

Hoe wordt de zoon van een kalverhouder veganist?

‘Dat gebeurde pas toen ik op mezelf ging wonen. Ik ging nadenken over wat ik op de boerderij had gezien en meegemaakt. Of het niet anders kon. En ik had natuurlijk ook Liesje gehad.’

Op 6-jarige leeftijd krijgt Waayer een van zijn vaders kalfjes onder zijn hoede. Hij noemt haar Liesje. Ze worden maatjes, de jonge Wouter slaapt zelfs bij het kalf in het stro. Maar op een dag is Liesjes hok leeg. Onderweg naar de slacht, net als zijn vaders overige kalveren. Het opent Waayers ogen.

‘Door mijn band met Liesje zag ik dat kalveren meer zijn dan alleen vlees, dat ze vergelijkbaar zijn met een hond’, zegt hij, met een knik naar de labradoedel die in zijn woonkamer ronddrentelt. ‘Dat heeft wel indruk op me gemaakt. Ik heb toen meteen gezegd dat ik de boerderij niet zou overnemen. Ik dacht: dit is niets voor mij.’

Vlees en zuivel afzweren kwam nog niet in zijn hoofd op. ‘Veganisme was voor mij een onbekende wereld. Mijn hele leven hoorde ik: je moet vlees eten, anders ga je dood. Vleesvervangers waren bij ons een no-go. Toen ik zelf boodschappen ging doen, kocht ik een vegetarische kipschnitzel. Die was eigenlijk best lekker.’

‘Als ik vlees at, proefde ik steeds die geur die ik als kind uit de stal kende. Dat stond me tegen, dus ik gooide saus eroverheen om het een beetje te maskeren. Tot het moment kwam dat ik zei: ik lust geen vlees meer, want ik sta er niet meer achter.’ Waayer werd vegetariër, en zes jaar later veganist.

Poddy calves on Alderney” by neilalderney123 is licensed under CC BY-NC 2.0

Hoe reageerden uw ouders?

‘Toen ik vegetariër werd, begrepen ze dat niet. Niemand in hun omgeving was vegetariër. Ik vond het ook lastig uit te leggen. Het voelde als een aanval op wat zij doen, terwijl het dat niet per se was. Tegelijkertijd waren ze ook meegaand. Als ik kwam eten, kookten ze voor mij vegetarisch.

‘Zes jaar later, toen ik veganist werd, vond ik het zelf heel lastig dat te vertellen. Kom ik weer met mijn fratsen, weet je wel. Ik heb het lang niet verteld, sloeg alle koekjes af, tot mijn moeder achterdochtig werd. Toen ik het vertelde, haalde ze een pak koekjes zonder dierlijke producten uit de kelder.’

Beïnvloedde het uw kijk op het werk dat uw vader doet?

‘Lange tijd wel. Ik wilde er niks meer van weten, was boos omdat ik er niks aan kon veranderen. Inmiddels heb ik er meer begrip voor. Ik zat ook lang vast in die mindset, dat je goed zorgt voor de dieren en mensen toch wel vlees eten. Ik begrijp dat het moeilijk is om daar uit te komen.

‘Niet dat ik erachter sta, dat nooit. Maar ik denk dat je met begrip meer bereikt dan altijd maar tegen schenen schoppen. Eigenlijk moet je dit helemaal niet doen, gewoon lekker plantjes gaan verbouwen. Maar omschakelen kost veel geld, hij heeft ook een hypotheek op die stal. Dus ik snap wel dat dat niet zomaar kan.’

Veehouders hebben dezelfde ervaringen als u met dieren, maar kunnen die wel voor zichzelf verantwoorden. Hoe verklaart u dat?

‘Dat is cognitieve dissonantie, en de bubbel waarin ze zitten. Je vertelt elkaar dat het normaal is, dat het altijd zo is gegaan. Omdat je er dag in dag uit aan meewerkt, verdwijnt het gevoel. Het zijn honderden, soms duizenden dieren. Dan is het makkelijk om ze als een massa te zien in plaats van als individuen. Als je die dieren echt in de ogen kijkt, kan je mij niet wijsmaken dat je nog steeds denkt dat zij het oké vinden hoe ze worden behandeld.’

Negatieve reacties op zijn berichten is Waayer inmiddels gewend. Ook uit de buurt, vertelt hij. ‘Er zijn heel veel buren die gewoon domme reacties achterlaten, mij geweld toewensen of intimiderend gedrag vertonen.’

Hoe verklaart u die reacties?

‘De belangen zijn groot. Wat ik zeg voelt wellicht als een aanval op hun inkomsten. Terwijl ik me nooit richt op de individuele boer, en ook vaak uitspreek dat ik begrip heb voor boeren.

‘Ik heb bij deze mensen in de klas gezeten, kwam vroeger bij hen over de vloer om te spelen. Dat soort reacties, omdat ik er anders over denk en me erover uitspreek, dat vind ik jammer. Dat ik het niet met je eens ben, betekent niet dat ik je een slecht persoon vind.’

Het voorval bevestigt voor Waayer wat zijn vader in de documentaire al zegt: als veganist kan hij niet in die omgeving wonen. ‘Ik ben daar niet gewenst’, zegt hij.

En ergens anders op het platteland, waar ze u niet kennen?

‘Uiteindelijk zou ik wel graag ergens buitenaf willen wonen. Een boerderijtje met leuke dieren om me heen. Het klinkt misschien gek, maar de warmte, de nuchterheid, dat iedereen naar elkaar omkijkt, dat vind ik wel heel fijn. Het liefst blijf ik in Twente, of in ieder geval in Overijssel. Maar in Tubbergen, met al die intensieve veehouderij, dat kan gewoon niet.’

error: