Midden 70’jaren: Geen Surinamer in de straat

TV Andere tijden: Geen Surinamer in de straat
Afl. 15•Do 18 sep 21:00•26m•
Na de onafhankelijkheid van Suriname op 25 november 1975 komen zo’n 300.000 Surinamers naar Nederland – als Nederlandse staatsburgers, met volledige rechten. Maar de ontvangst is verre van hartelijk. Er wordt een pijnlijk hoofdstuk uit de Nederlandse geschiedenis belicht: hoe Surinaamse gezinnen ondanks hun rechten worden geweerd uit bepaalde wijken.
Één-per-portiek
De aflevering van Andere Tijden (NPO2) deze donderdagavond was op een andere manier hartverscheurend. Na het uitroepen van de onafhankelijkheid van Suriname in 1975, kwamen er 300.000 Surinamers naar Nederland. Eenmaal in Amsterdam bleek er voor deze Surinamers, nota bene met een Nederlands paspoort, weinig plek. In acht wijken mochten geen Surinamers komen wonen, omdat ze niet „woonbeschaafd” werden geacht volgens Duco Stadig, toenmalig secretaris van de koepel van woningcorporaties. In portiekwoningen gold daarom een één-per-portiek beleid: maximaal één ‘etnisch’ gezin per portiek. Zo kwamen veel Surinamers terecht in verkrotte pensions, terwijl er hele panden leeg stonden elders in de stad. Liever leegstand dan buitenland, was het sentiment.
In 1977 kwam het bestaan van dit geheime beleid in de pers terecht. Nadat er grote ophef over ontstond, besloot de gemeenteraad ermee te stoppen. Helaas was de algehele toon al gezet in de media. Die klopten de spanning op, vertelt Ernestine Comvalius, die zich hard maakte voor de mensen in de verkrotte pensions, „door te praten alsof er een overstroming plaatsvond van messentrekkers en dat soort vreemd gespuis. Het moment waarop je die andere groep ook echt behandelt als anders, officieel waren ze Nederlanders, dan werk je mee aan spanningen.” Vijandigheid richting mensen die er anders uit zien, het lijkt een rode lijn in de gespannen, recente geschiedenis van ons land.