Over pfas, chroom-6, glyfosaat, lood, kwik of stikstofdioxide: Laat de asbestgeschiedenis zich niet herhalen

COMMENTAAR TROUW
Asbest is al sinds 1994 verboden, maar de stof die bouwmaterialen zo sterk en isolerend maakte, achtervolgt ons nog steeds. Onlangs werd vervolging wegens doodslag ingesteld tegen bouwbedrijf Eternit uit Goor, dat sinds de jaren dertig asbest in cement verwerkte. Eternit zou volgens het Openbaar Ministerie in ieder geval twee overleden personeelsleden en de echtgenote van een van hen opzettelijk niet beschermd hebben in hun werk met asbest, terwijl het bedrijf op de hoogte was van de risico’s.
De parallel tussen de aanpak van asbest en die van schadelijke stoffen die wij nu nog wel legaal gebruiken, is onrustbarend. Neem pfas, chroom-6, glyfosaat, lood, kwik of stikstofdioxide: de overheid probeert de toegestane hoeveelheid voor deze stoffen aan te banden leggen om mensen en natuur te beschermen, maar het debat over de precieze effecten ervan loopt nog steeds. Zolang dat gesprek maar gaande blijft, zal de overheid deze nuttige stoffen niet verbieden. Zo redeneert althans de lobby van het bedrijfsleven.
Ook Eternit werd al sinds de jaren zestig aangesproken op ziektegevallen, die er hand over hand toenamen. Niet alleen in Nederland, maar ook in Duitsland, België en Italië kwamen er opvallend veel asbestkankerpatiënten voor onder het personeel en in de omgeving. Het bedrijf begon schadevergoedingen uit te keren. In Italië zijn bestuurders van Eternit al tot jaren celstraf veroordeeld.
Het wordt geen makkelijke zaak
In Nederland zal dat niet gebeuren omdat de verantwoordelijke bestuurders niet meer in leven zijn. Het gaat erom of Eternit niet alleen slordig of nalatig was bij het beschermen van het personeel en milieu tegen asbest, het moet daarin ook opzettelijk risico’s hebben genomen.

Wordt Eternit veroordeeld, dan zien de advocaten die aangifte deden tegen Tata Steel en Chemours wegens milieuschade ook volop kansen voor de veroordeling van die bedrijven en mogelijk hun bestuurders.
Tot nu toe is ons rechtssysteem alleen in staat geweest bedrijven wegens hun verantwoordelijkheid voor milieu- en gezondheidsschade tot schadevergoedingen voor burgers en bestuursrechtelijke dwangsommen te veroordelen. Die lopen bij Tata bijvoorbeeld al in de tientallen miljoenen, maar lijken inmiddels een gecalculeerd risico.
Het strafrecht zou meer kunnen afschrikken. Wie ziek wordt, moet bij leven zijn recht kunnen halen. Bestuurders moeten leren vrezen voor het strafbankje, en de blootstelling aan giftige stoffen actief willen beperken. Zelfs als de wet nog enige ruimte daarvoor laat. Zorgvuldig onderzoek is goed, maar voorzorg altijd beter.