Statiegeld werkt als een tierelier: 80 procent minder blikjes op straat gegooid

Het statiegeld op blikjes blijkt twee jaar na de invoering een enorm succes. Mensen gooien ze nauwelijks meer weg.
De cijfers van de afvalrapers zijn glashelder: lagen er in de periode 2017-2022 gemiddeld 23,5 blikjes per kilometer op straat, nu zijn dat er gemiddeld 4,8 per kilometer. Dat is een afname van 80 procent. Nu je sinds 1 april 2023 15 cent per blikje terugkrijgt, leveren mensen ze aanzienlijk vaker in bij supermarkten en andere inzamelpunten.
De cijfers komen van Dirk Groot, beter bekend als de Zwerfinator. Hij registreert sinds 2016 de data over het zwerfafval dat hij op straat tegenkomt, van drankverpakkingen tot snoeppapiertjes. Zijn cijfers waren een belangrijke aanjager voor de introductie van het statiegeld en voor andere maatregelen die bedrijven moeten nemen om te voorkomen dat klanten verpakkingen van hun producten op straat gooien.
Jarenlang nam het aantal gevonden blikjes langzaam toe, tot de invoering van het statiegeld zorgde voor een trendbreuk. In september meldde staatssecretaris Chris Jansen (Infrastructuur en Waterstaat) al aan de Tweede Kamer dat er bijna tweederde minder blikjes waren aangetroffen, sindsdien is dat aantal dus verder gedaald. De komende weken komt de regering met een evaluatie van het statiegeldsysteem.