Twintig jaar geleden stapte Nederland over op marktwerking in de zorg. Wat is er eigenlijk van terecht gekomen?

By Unknown author – Haagsche Courant 30 september 1941, Public Domain, Link

Op 1 januari 2006 werd de bekostiging van de zorg in Nederland op nieuwe leest geschoeid. Sinds die dag is er de Zorgverzekeringswet. Ruim twintig jaar discussie was daaraan vooraf gegaan. Twintig jaar waarin het ene na het andere plan voor modernisering van het Nederlandse zorgstelsel sneuvelde. Totdat uitstel écht niet langer kon.

Want Nederland had een zorgstelsel waar de Sovjet-Unie jaloers op zou zijn, hoonden critici. Veel te veel overheidsbemoeienis, vonden zij, had geleid tot een ondoorzichtig en verstikkend systeem, met lange wachtlijsten voor allerlei vormen van zorg en kosten die de pan uit rezen.

Grofweg twee derde van de Nederlanders zat ‘in het ziekenfonds’. Dat fonds betaalde de kosten van zorgverleners rechtstreeks, mensen zelf zagen nooit een rekening. Een derde van de Nederlanders was, vaak via hun werkgever, particulier verzekerd bij een zorgverzekeraar.

Het alternatief van de critici: marktwerking. Laat elke Nederlander een polis afsluiten bij een zorgverzekeraar naar keuze en geef die verzekeraars ruim baan: laat hen zorg inkopen en geef hen zo de regie. Vertrouw erop dat zij, in onderlinge concurrentie, hun verzekerden de beste zorg leveren tegen de beste prijs. Zo zou de burger eindelijk eens wat te kiezen hebben in de zorg.

De Ziekenfondsbode 1999 by Frank Rosen FaceMePLS from The Hague, The Netherlands, CC BY 2.0, via Wikimedia Commons

Optimisme

Zorgeconoom Patrick Jeurissen, hoogleraar gezondheidseconomie aan de Radboud Universiteit, moet een beetje lachen om alle optimisme en geloof uit die dagen. “Marktwerking leek toen een logische keuze. Politiek was er draagvlak voor. In die tijd was de Derde Weg populair, de overtuiging van links dat marktwerking ook sociale doelen kon dienen. Nu, twee decennia later, moet je vaststellen dat de zorg veel minder een markt is dan destijds gedacht.”

Jeurissen deed onderzoek naar marktwerking in de zorg en publiceerde daar veel over. Het idee was dat zorgverzekeraars, met scherpe inkoopeisen, zowel de kwaliteit van de zorg zouden opkrikken als de kosten zouden bedwingen. “Ik wil niet zeggen dat het geheel is mislukt, maar een groot succes is het evenmin. De zorg is daarvoor echt te complex”, zegt Jeurissen. “Zorgverzekeraars kunnen niet opereren als een gewoon bedrijf, dat alle waren dat het inkoopt van tevoren op kwaliteit beoordeelt.”

“Want wat is kwaliteit precies? Dat is in de zorg veel te lastig te bepalen. Dat hangt af van zoveel aspecten: beroepsmotivatie, samenwerking op de werkvloer, opleidingen, innovatie, toepassing van wetenschappelijke inzichten, noem maar op. Dat vang je niet in een eenvoudig tabelletje.” Als je niet weet wat kwaliteit is, hoe moet je die dan verbeteren? Het gevolg is, zegt Jeurissen, dat zorgverzekeraars minder investeerden in innovatie dan gehoopt.

[…]

Transparantie

De wet verplicht ziekenhuizen en andere zorgaanbieders tot transparantie, zegt Jeurissen. “Bijvoorbeeld over wachttijden. Maar die informatie is vaak ingewikkeld en weggestopt in een uithoek van een website. Daar komt de gemiddelde burger echt niet uit. Die gaat naar websites als Independer, die door verzekeraars voor hun adviezen worden betaald en dus commerciële belangen hebben. Wil je de burger echt helpen, waarom bied je dan geen écht onafhankelijk advies aan? In diverse landen is dat zo geregeld.”

De vraag dringt zich op: hoe lang krijgt marktwerking nog vrij baan in de zorg? Dat de zorg op de schop moet, staat voor Jeurissen buiten kijf. Er zijn nu zoveel regelingen en zoveel partijen die zorg inkopen. “Nederland vergrijst, er komen steeds meer mensen met problemen op allerlei terreinen: de zorg moet veel integraler worden.”

Te weinig uitgegeven

Dat het is gelukt om de zorgkosten in bedwang te houden heeft, opmerkelijk genoeg, ook nadelige kanten, zegt hij.“Misschien is het met de kostenbeheersing wel te goed gegaan. Zeker in een vergrijzende samenleving kun je niet zonder gevolgen tien, vijftien of twintig jaar inzetten op nóg weer wat minder zorg. Je kunt ook te weinig uitgeven aan volksgezondheid.”

Zo is de groei van de levensverwachting van mannen en vrouwen al heel lang zeer beperkt, signaleert Jeurissen. “Ooit hadden Nederlanders de hoogste levensverwachting ter wereld. Nu zitten Nederlandse vrouwen fors onder het Europese gemiddelde.”

Hoe het verder gaat, zal grotendeels afhangen van het advies van de Staatscommissie Zorg. Het kabinet is nu nog bezig die commissie samen te stellen, haar advies wordt over twee jaar verwacht. En dan volgt, naar goed Haags gebruik, een lange discusie, voorspelt Jeurissen. Zo gaat dat met stelselwijzigingen.

fout: