Deze VVD is een ramp voor het landsbestuur

Nederland is meer kwijt aan hypotheekrenteaft rek en pensioenaftrek dan er aan belasting op vermogensinkomsten binnenkomt
De historicus Boris van Haastrecht besluit zijn biografie over VVD-oprichter Pieter Oud met diens profetie dat de VVD de concurrentieslag met de PvdA en de christelijke partijen zou winnen. Volgens de biograaf is dat optimisme terecht gebleken. Is dat zo?
De allergie van de huidige VVD voor links voorspelt alleen maar meer rampspoed voor het bestuur van dit land.
Bij de viering van het 70-jarig bestaan van de VVD in 2018 had het er even de schijn van. Klaas Dijkhoff, de toenmalige fractieleider, stelde bij die gelegenheid vast: “Wij hebben de strijd gevoerd. Nu zijn we de dominante stroming. We hebben gewonnen.” Ja, de VVD was op dat moment, met iets meer dan een vijfde van de kiezers achter zich, de grootste partij en had in premier Rutte een aanvoerder die in de beproefde Nederlandse traditie met soepele hand vanuit het midden regeerde.

Maar Dijkhoff trok de lijnen wat langer. Hij meende dat de VVD haar ‘historische strijd tegen het socialisme en de bedilzucht van de kerk had gewonnen’. Hij markeerde dat publieke moment met een persoonlijk feit: “Mijn dochter is geboren in een liberaal land”. Van Churchill had hij kunnen leren dat je na een overwinning grootmoedig moet zijn. Zeker niet triomfalistisch, omdat die houding vroeg of laat hard wordt afgestraft.
De blunder van Yesilgöz en Brekelmans

Minister van Defensie,
viceminister-president
Foto Martijn Beekman en Valerie Kuypers
Voor de VVD kwam dat pijnlijke moment al vijf jaar later, bij de verkiezingen van 2023. Zij verloor, de PVV van Wilders won en werd de grootste partij. De strategische blunder van de huidige leiders Yesilgöz en Brekelmans om de ban tegen deze partij op te heffen, is al breed uitgemeten. De fout bevestigde de grap van Hans Wiegel over zijn partij: “De VVD heeft geen vleugels, alleen maar vlerken”. Daaruit valt de grilligheid in het leiderschap te verklaren.
In 2025 is daar nog uit existentiële paniek de ban tegen regeren met links bij gekomen, waardoor de impasse in het landsbestuur voortduurt.
Uitgedaagd door informateur Tjeenk Willink voerde Rutte in 2017 principiële bezwaren aan tegen samenwerking met de PVV. Het programma van Wilders was strijdig met de liberale kernwaarden en daarnaast was hij als gedoger van zijn eerste kabinet onbetrouwbaar gebleken. De breuk met deze lijn na Rutte’s vertrek, liet zowel een gebrek aan ideologische consistentie zien als grote onzekerheid over de koers en bestemming van de VVD. In 2025 is daar nog uit existentiële paniek de ban tegen regeren met links bij gekomen, waardoor de impasse in het landsbestuur voortduurt.
Een gevolgtrekking kan zijn dat de VVD de derde volkspartij is die in de politieke dynamiek van deze eeuw wordt vermalen. Eerder trof dit lot de PvdA en het CDA, een gevolg van zowel bestuurlijke metaalmoeheid als ideologische verlegenheid. Gepokt en gemazeld in de politiek van herverdeling in de strijd tussen kapitaal en arbeid, maar onmachtig tot een adequaat antwoord op de cultuuroorlog die de immigratie- en integratiekwestie heeft meegebracht. Het geldt in wezen alle drie de volkspartijen.
Andere omstandigheden
Je kunt zeggen dat Yesilgöz met de blokkade tegen links in de geest van Oud handelde, die in 1959 de PvdA in de ban deed. Maar de omstandigheden waren toen volledig anders. Nederland stond na de wederopbouw voor een welvaartssprong en een culturele explosie als gevolg van ontkerkelijking, ontzuiling en individualisering. Het was niet zo vreemd dat Oud veronderstelde dat deze processen in het voordeel van de VVD zouden uitpakken. Hij beloofde individuele vrijheid in plaats van dirigisme van de staat. Daarbij liep de rooms-rode samenwerking onder Drees, die twaalf jaar had standgehouden, steeds stroever.
Zou je de huidige toestand spiegelen aan die tijd, dan kun je vaststellen dat de vrijheidsbelofte, uitgedrukt in het motto ‘Ik zeg wat ik denk’ van de populist Fortuyn, een absoluut karakter heeft gekregen. Dat trekt zijn sporen in de politiek: versnippering van het krachtenveld en verheffing van het eigen gelijk. Tegelijk is het vermeende dirigisme van de staat vervangen door het levensechte efficiency-dictaat van de vrije markt, dat veel werknemers over de kop jaagt (de Wia loopt niet voor niets vol) en ook Vadertje Staat heeft aangetast en veranderd in een wantrouwige oude man. Het toeslagenschandaal is van dat proces de pijnlijke uitdrukking.
‘Angst voor de agenda van links’
Dijkhoff keek in 2018 de verkeerde kant op, in de zin dat hij scherp de oude rivalen waarnam, maar niet de nieuwe concurrentie die nu 46 Kamerzetels bezet. Die kijk werkt lang door en brengt in deze dagen Yesilgöz ertoe de onrust in haar partij terug te voeren op ‘angst voor de agenda van links’.
Volgens Ouds biograaf Van Haastrecht was diens uitsluiting van de PvdA in 1959 pragmatisch, niet principieel. Samenwerking met links was voor hem geen schrikbeeld en het was zeker niet zijn oogmerk de VVD, die hij als middenpartij zag, definitief op de rechterflank te positioneren. Als burgemeester van Rotterdam werkte hij prima samen met rode wethouders en zag hij scherp het belang van gemeenschapszin. De allergie van de huidige VVD voor links voorspelt alleen maar meer rampspoed voor het bestuur van dit land.