Bewoners van Heijplaat zijn klaar met overlast van afvalverwerker: ‘Ze moeten ons net zo irritant vinden als wij die vliegen’

Vliegenplaag Al elf jaar hebben bewoners last van een vliegenplaag, veroorzaakt door een lokaal afvalverwerkingsbedrijf. Met de huidige hitte wordt het alleen maar erger. Van huisvliegen tot aas- en vleesvliegen.
Het ‘Vliegenteam’ van Heijplaat overlegt eens per maand met de milieudienst, de gemeente Rotterdam en het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen, om te praten over hoe het gaat en verder moet. Al elf jaar voert het Vliegenteam strijd tegen de vliegenplaag die het voormalige tuindorp teistert en de veroorzaker daarvan: afvalverwerkingsbedrijf N+P, aan het begin van de Rotterdamse wijk.
„Heijplaat is ziek van N+P, de vliegenfabriek”
Warme weersverwachtingen worden op Heijplaat met weerzin ontvangen: meer warmte, meer vliegen. De laatste weken, vol hitterecords, werd de overlast weer zo erg dat de inwoners opnieuw van zich lieten horen. „Heijplaat is ziek van N+P, de vliegenfabriek”, stond in grote zwarte letters op een kartonnen bord bij de protestactie eerder deze week, voor het hek van de afvalverwerker. Aan het hek hingen ze zakken vol dode vliegen.
Heijplaat ligt als een groene oase in het havengebied van Rotterdam. De wijk, ontstaan in 1904 om huisvesting te bieden aan de arbeiders van scheepswerf de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM), is ingekapseld door de Eemhaven aan de westkant en de Waalhaven aan de oostkant. Wie er wil komen heeft twee opties: over het water of vanaf de S101 de Waalhavenweg nemen, waar aan weerszijden bergen kleurrijke containers meer dan huizenhoog staan opgestapeld.
1.900 inwoners in hun dorp van 0,39 vierkante kilometer opgescheept met geïmporteerde vliegen
En dan, nog geen 500 meter voor de eerste huizen, staat een grote grijze loods. De geur die eromheen hangt voelt dik en zwaar, het is moeilijk niet fysiek te reageren op de zure walm. Het is een komen en gaan van vrachtwagens waarop staat: „N+P, waste to fuel”.
Dat vuilnis komt niet uit Rotterdam zelf. Vuilniszakken uit dorpen – in Nederland en daarbuiten – worden hier gebracht. Dat afval is dan in sommige gevallen al een paar weken oud, de larven precies klaar om uit te komen bij aankomst.
En zo zitten de krap 1.900 inwoners in hun dorp van 0,39 vierkante kilometer opgescheept met geïmporteerde vliegen.
‘Complexe materie’
De afvalverwerker zelf wil in eerste instantie niet reageren op vragen van NRC. Ze zijn „met de lokale milieudienst zeg maar in gesprek”, laat een medewerker van het hoofdkantoor weten. „Daar laten we het bij.” Maar locatiemanager Bob Schoenmaker, die net tweeënhalve maand geleden is begonnen, wil er wel iets aan toevoegen. „Het is complexe materie”, zegt hij aan de telefoon. „Maar ik kan oprecht zeggen dat we ons continu inzetten om de processen te verbeteren.” Hij betreurt de beeldvorming. „Dat doet geen recht aan onze inspanningen.”
Het aantrekken van insecten, knaagdieren en ongedierte moet voorkomen worden
Passage in vergunning voor het afvalverwerkingsbedrijf