Ontslag Fotomuseum-directeur Donker was onterecht, oordeelt rechtbank. Raad van toezicht heeft volgens rechter ‘ernstig verwijtbaar’ gehandeld

Arbeidsconflict Birgit Donker werd een jaar geleden plotseling ontslagen als directeur van het Nederlands Fotomuseum, op basis van ‘signalen’ over het achterhouden van informatie en beïnvloeding van medewerkers. Donker ontkent dit en stapte naar de rechter. Die geeft haar gelijk.
De raad van toezicht (rvt) van het Nederlands Fotomuseum heeft „ernstig verwijtbaar” gehandeld in de schorsing van, het onderzoek naar én het ontslag van oud-directeur Birgit Donker, zo oordeelt de rechtbank van Rotterdam.
Donker, die destijds directeur was van het Fotomuseum, werd in juni 2025 vlak voor de verhuizing van het museum naar een nieuw onderkomen in Pakhuis Santos geschorst door de rvt vanwege „signalen” van de beïnvloeding van twee medewerkers inzake een medewerkersonderzoek, en het achterhouden van informatie. Nadat de rvt in twee weken tijd zelf onderzoek had gedaan naar deze signalen, werd Donker ontslagen. Zij heeft de beschuldigingen altijd ontkend en besloot naar de rechter te stappen. Die geeft haar nu op alle punten gelijk en oordeelt dat het ontslag onterecht was.
De rvt wordt veroordeeld tot het betalen van een „billijke vergoeding” van 400.000 euro aan Donker en het plaatsen van een rectificatie op straffe van een dwangsom van maximaal 100.000 euro.
De rvt heeft volgens de rechter niet kunnen bewijzen dat er sprake was van een angstcultuur of sociale onveiligheid in het museum. In de jaren dat Donker, ook hoofdredacteur van NRC tussen 2006 en 2010, de leiding over het museum had, zijn er zes externe onderzoeken naar de organisatie uitgevoerd, die geen van alle wezen op problemen in de bedrijfscultuur. De rvt heeft geen stukken kunnen overleggen waaruit het tegendeel zou blijken.
Ook kon de rvt niet bewijzen dat Donker twee medewerkers onder druk heeft gezet om de uitslag van een medewerkersonderzoek te beïnvloeden. Het bewijsmateriaal dat de rvt hiervoor claimt te hebben, onder andere WhatsApp-berichten van desbetreffende medewerkers, hebben zij met zowel Donker als de rechtbank niet gedeeld. De rvt stelde dit vanwege privacyredenen niet te hebben willen delen en vanwege de stellige ontkenning van Donker dit ook niet te hoeven doen. „Dat standpunt is onjuist en onbegrijpelijk”, oordeelt de rechter.
‘Voor de bus gegooid’
Het onderzoek dat de rvt ná het ontslag van Donker heeft laten uitvoeren door onderzoeksbureau Unravelling beoordeelt de rechter als „onvoldoende objectief” en „onvoldoende met feiten onderbouwd”, omdat juist dít onderzoek beïnvloed zou zijn door „suggestieve presentatie en vraagstelling”. Ook meldt de rechter dat het opvallend is dat een aantal oud-medewerkers die zich eerder positief uitlieten over het functioneren van Donker, niet voor dit onderzoek zijn uitgenodigd.

“kundig en betrokken voorzitterschap Raad van Toezicht”
© Nederlands Fotomuseum
Ook voor het achterhouden van informatie door Donker is geen bewijs, zo leest de uitspraak. De raad van toezicht zelf valt volgens de rechter juist in zijn werkgeverschap richting Donker een groot aantal zaken te verwijten. Zo hebben zij eventuele zorgen over de werkcultuur die zij hadden, nooit met Donker gedeeld. Slechts eenmaal had zij een functioneringsgesprek, dat erg lovend was over haar functioneren.
Eerder deze maand stapte rvt-voorzitter Wanda van Kerkvoorden op. Met een nieuw pand en een nieuwe directeur was het „een passend moment om ruimte te maken voor een nieuwe voorzitter, die de volgende fase kan begeleiden.” Zo meldde de persverklaring van het museum, waarin zij werd geroemd om „haar kundige en betrokken voorzitterschap”.
